Nederlandse eilanden vallen tussen wal en schip op klimaattop
Source: nu.nl
Eilanden in de Caraïben en in de Stille Oceaan horen bij de zwaarste slachtoffers van de klimaatcrisis. Op de VN-klimaattop in Azerbeidzjan gaat het over klimaatsteun aan eilandstaten, maar de Caribische eilanden die onderdeel zijn van het Nederlands koninkrijk vallen tussen wal en schip.
Al meer dan dertig jaar staat er een klein sterretje naast de Nederlandse handtekening onder het VN-klimaatverdrag. Nederland tekende namelijk alleen namens "het Koninkrijk in Europa" - en dus níet namens de Caribische eilanden die ook bij het koninkrijk horen. Hetzelfde gebeurde met het Parijsakkoord, ruim twintig jaar later.
Het betekent dat de bijzondere gemeenten Bonaire, Sint-Eustatius en Saba en de landen Curaçao, Aruba en Sint-Maarten nog altijd geen onderdeel uitmaken van de internationale klimaatafspraken. Voor de aanwezigen op de klimaattop in Bakoe is het alsof deze eilanden niet bestaan.
Toch zijn het juist deze delen van het koninkrijk die ernstig geraakt worden door klimaatverandering. "Stijgende zeeniveaus dreigen onze kustlijnen te overspoelen", zegt Albert Martis, voorzitter van de Curaçaose klimaatraad, in Bakoe. En dan zijn er nog de orkanen, droogte en het biodiversiteitsverlies, met gevolgen voor de visserij en het toerisme. "De consequenties voor eilandstaten zijn ernstig."
Juridisch klimaatdoolhof
Het Caribische deel van het koninkrijk kan minder aanspraak maken op internationale klimaatsteun, zoals de nabijgelegen Franse eilanden Guadeloupe en Saint Martin dat kunnen. Dat komt doordat zij een andere EU-status hebben, en omdat de VN-klimaatafspraken niet gelden voor de Nederlandse eilanden. Zij zijn aangewezen op bijdragen uit Den Haag of Brussel.
Maar in Brussel bestaan allerlei formele obstakels, zegt advocaat Aike Krips van Bunders Lok Advocaten, die dit juridische klimaatdoolhof in kaart bracht. De Nederlands Caribische eilanden staan in Brussel namelijk te boek als overzeese gebiedsdelen en zijn daarmee geen 'volwaardig' EU-grondgebied. Daarom maken ze - in tegenstelling tot nabijgelegen Franse eilanden - geen aanspraak op verschillende fondsen uit Brussel.
"Dat is niet makkelijk opgelost", zegt Krips. Het is een flinke stap om de status van de eilanden om te zetten, want ze komen dan ook onder alle EU-regelgeving te vallen. Ook het toevoegen van de Nederlandse Caribische eilanden aan het Parijsakkoord is niet zomaar gedaan. "Daar is onder meer politieke wil voor nodig."
Edison Rijna, speciaal gezant voor de BES-eilanden bij de EU, de VN en in Latijns-Amerika, is naar de klimaattop afgereisd om dit probleem op de kaart te zetten. "De eilanden zijn vaak vergeten", zegt hij. Bijvoorbeeld bij de onderhandelingen over een Klimaatakkoord, in 2019. Ook op het Nederlandse miljardenfonds voor dijkversterking en andere aanpassingen aan zeespiegelstijging maken de BES-eilanden geen aanspraak.
Dat is volgens hem geen onwil: "Mijn indruk is dat Den Haag wil helpen, net als de VN en de EU. Maar soms weten ze niet hoe." Wel ziet hij verbetering: op Bonaire is inmiddels een 'klimaattafel' opgericht, om klimaatbeleid voor het eiland op te bouwen. De EU helpt dertig eilanden, waaronder Bonaire, Sint-Eustatius en Saba, om uiterlijk in 2030 volledig over te stappen op groene energie.
Rechtzaak 'schudt Den Haag wakker'
Voor milieuorganisatie Greenpeace gaat het allemaal niet snel genoeg. Samen met acht inwoners van Bonaire begon de groep een rechtszaak tegen de staat om klimaatactie op het eiland af te dwingen. Maarten de Zeeuw van Greenpeace noemt het "heel erg krom" dat er nog nauwelijks klimaatbeleid is voor de zwaarst getroffen delen van het koninkrijk.
De voorzichtige stappen die nu worden gezet zijn nog lang niet genoeg, zegt hij. "We zijn nog ver van een daadwerkelijk plan, laat staan het uitvoeren van maatregelen." Nederland moet zo snel mogelijk een pot geld beschikbaar maken om de BES-eilanden te helpen, vindt hij.
Rijna juicht de rechtszaak toe. "Ik vind het goed. Het schudt Den Haag ook een beetje wakker", zegt hij. Zo sluit de rechtszaak aan bij zijn eigen activiteiten om aandacht te vragen voor de BES-eilanden bij de VN en andere instellingen. "Als wij er niet waren, dan wisten ze niet eens dat we bestonden."